mg montego

"Oude liefde roest niet" luidt het gezegde en toen AustinRover in 1985 de MG Montego uitbracht was ik meteen verkocht. Mijn motivatie om uitgerekend een MG Montego te kopen heb ik beschreven in het onderstaande korte verhaal dat ik schreef in 1987:

 KALVERLIEFDE

Honderdduizend. Eigenlijk een getal om bij stil te staan. Maar ja, ik reed op middenbaan van de snelweg en dan doe je dat liever niet. Honderdduizend kilometer in een MG Montego in goed twee jaar. Fijne kilometers, dacht ik, hoewel mijn collega’s me uitlachten toen ik de auto kocht. Alle geijkte grapjes over de slechte kwaliteit van Engelse auto’s werden van stal gehaald. Eerlijk gezegd wist ik ook niet of deze nieuwe MG wel helemaal vrij zou zijn van alle smetten op het Engelse blazoen. Een impulsaankoop was het niet, ik had er lang genoeg over gedaan om aan het uiterlijk te wennen. Waarom dan toch juist deze auto gekocht? Vanwege de nostalgie? Nee, dat durfde ik mijzelf niet te bekennen. Het moest een rationele reden zijn. Het stoere uiterlijk, het mooie interieur, de fraaie techniek, dat was het. Niets anders.

Niemand kende de auto. De meesten wisten van het bestaan van MG niet af en van de enkeling die het merk wel kende, kreeg ik meestal de reactie: “Maar MG bestaat toch niet meer?”
Niet helemaal waar, legde ik dan uit. Ondanks dat MG in 1980 werd opgeheven besloot Leyland een jaar later het merk opnieuw te gaan voeren als “top of the range” van de Austin modellen.
“Maar waarom een MG Montego?”, vroegen ze, “wat is er zo speciaal aan?”. Dan begon ik meestal te stotteren. Ik kon het niet onder woorden brengen, op het waarom viel zo één-twee-drie geen antwoord te geven. Niet één enkele reden, meer een combinatie van diverse motivaties. Welke? Ik kon het met mezelf niet eens worden. Belangrijk was natuurlijk dat de letters MG er opstonden. Ik zou het model nooit een tweede blik waardig hebben gekeurd wanneer dat niet zo was. Als kind al werd mijn belangstelling gewekt voor het merk. Een jaar of zeven oud had ik een plaatje van een MG sportwagen uitgeknipt en boven mijn bed gehangen.

Vanaf dat moment groeide mijn folderverzameling en werd het mijn grootste wens ooit zo’n open sportwagen te bezitten. Pas op mijn twintigste kwam die droom uit. Niet helemaal, ik kocht geen cabriolet maar een vierdeurs, vijfpersoons sedan van het merk MG, een Magnette. Tien jaar oud en behoorlijk roestig, hoewel het interieur er nog als nieuw uitzag. Een prachtig dashboard van gepolitoerd wortelnoten-hout en zelfs de portieren en raamlijsten waren afgewerkt met dit hout. In de leren bekleding zakte je heerlijk weg en ‘s avonds gloeide de dashboardverlichting met een zachtgroene, bijna intieme glans. Er moest het een en ander aan versleuteld worden, maar wat wil je met een vierdehandsje? Ik zuchtte, terugdenkend aan de Magnette. Na anderhalf jaar hiermee rondgetoerd te hebben kwam mijn kans een échte MG, een open sportwagen, te kopen. De Magnette vloog eruit, maar na al die jaren dacht ik nog steeds met weemoed terug aan die fijne auto.

Mijn eerste kennismaking met de MG Montego was een artikel in “Autovisie”, dat een rijimpressie beschreef van de net geïntroduceerde Montego. De journalist vond het een mooie auto, hoewel hij niet zo te spreken was over het rijgedrag. Een jaar later, in hetzelfde blad opnieuw een test van de MG Montego. De kop boven het epistel luidde: “Vergane glorie” en de rest van het stukje liet zich navenant lezen. Veel lof over de motor en de volledige uitrusting van de auto, echter weer aanmerkingen over het weggedrag. Men vond het geen échte MG, want een echte MG kon alleen maar een sportwagen zijn, nietwaar? Ik was het er niet mee eens. De schrijvers wisten vast niets van het grote aantal sportieve en luxueuze saloons die de MG-fabriek in de loop der jaren fabriceerde. Toegegeven, de open sportwagens spraken het meest tot de verbeelding, toch behaalden ook de vierdeurs modellen behoorlijke verkoopresultaten.

Inmiddels had ik op de RAI-tentoonstelling in februari 1985 in levende lijve met de MG Montego kennis gemaakt. Op de druk bezochte stand van de importeur stonden tussen de Mini’s, Metro’s en Maestro’s, twee Montego’s tentoongesteld. Eerlijk gezegd vond ik ‘m eerst niet mooi. De vormgeving was wat hoekig naar mijn smaak. In het interieur jammer genoeg geen hout, hoewel dat volgens mij in een typisch Engelse auto als deze wel thuis hoorde. Mijn oude Magnette was toch ook met hout afgewerkt. Ook de bekleding viel tegen. Geen leer, maar een soort velours. Ik was echter realist genoeg om te beseffen dat dit soort grappen de Montego nog duurder zouden maken.

Een paar folders, meegenomen van de RAI, waren in korte tijd aan flarden gelezen. Langzamerhand wende ik aan de hoekige carrosserie en na verloop van een aantal maanden begon ik hem zelfs mooi te vinden. In gedachten vergeleek ik het model steeds meer met die Magnette waarin ik met zoveel plezier gereden en aan gesleuteld had. Toch dacht ik in eerste instantie niet aan de MG Montego toen het tijdstip aanbrak mijn huidige auto in te ruilen voor een nieuwe. De aanschafprijs ging ver boven de begroting, bovendien had ik een werkpaard nodig en geen hobby auto. Uit “nieuwsgierigheid” liep ik toch eens binnen bij een dealer voor een proefrit. Op dat moment was ik verkocht. Vergeten het commentaar op de slechte wegligging. Het was niet het leren stuur met het rode MG-embleem, niet de fraaie velours bekleding. Nee, het was de dashboard verlichting. Zachtgroen!

mga project 75024 19

Joomla SEF URLs by Artio